Tijdens de Coronacrisis zijn afspraken gemaakt tussen de Nederlandse, Belgische en Duitse autoriteiten om de gevolgen voor de fiscaliteit voor grensarbeiders te beperken. Met een beroep op deze afspraken, konden grenswerkers hun werkzaamheden vanuit huis verrichten zonder dat dit een wijziging in de manier van belastingheffing over hun looninkomen bewerkstelligde. Met ingang van 1 juli 2022 zijn deze fiscale afspraken verlopen. In deze leest u wat dit voor u en uw grenswerkers kan betekenen.

Voor een werknemer die woont in het ene land en werkt voor een werkgever die is gevestigd in een ander land (hierna: ‘grenswerker’), geldt in principe de regel dat zijn loon volledig in zijn woonland mag worden belast. Dit kan anders zijn wanneer een werknemer (ook) werkzaamheden verricht in het land waar zijn werkgever is gevestigd. In dat geval, verkrijgt het vestigingsland van de werkgever in principe het recht om belasting te heffen over het loon van de grenswerker voor iedere dag dat hij in het vestigingsland heeft gewerkt.

De situatie voor de grenswerker vóór en tijdens de COVID-19 crisis

Vóór de COVID-19 crisis werkten grenswerkers doorgaans volledig op locatie van hun werkgever welke was gelegen in het vestigingsland van hun werkgever. Dit leidde ertoe dat het vestigingsland van de werkgever van de grenswerker in principe het volledige heffingsrecht over het loon van de grenswerker verkreeg.

Tijdens de COVID-19 crisis werden werknemers aangemoedigd om hun werkzaamheden zoveel mogelijk vanuit huis te verrichten. In principe zou dit ertoe moeten leiden dat het loon van de grenswerker moet worden gesplitst in een deel dat in het vestigingsland van de werkgever moet wordt belast en een deel dat in het woonland van de werknemer worden belast. De Nederlandse -, Duitse -en Belgische autoriteiten hebben tijdens de COVID-19 crisis afspraken met elkaar gemaakt om de fiscale gevolgen van het thuiswerken door grenswerkers vanwege COVID-19 maatregelen te beperken. Deze afspraken zijn echter op 1 juli 2022 verlopen.

De situatie voor grenswerkers vanaf 1 juli 2022

Vanaf 1 juli 2022 worden grensarbeiders (weer) belast in hun woonland, voor iedere dag dat zij niet in het vestigingsland van hun werkgever werken. Nu het (gedeeltelijk) vanuit huis werken de norm is geworden voor veel werknemers, kan dit leiden tot een verschuiving van het heffingsrecht over het loon van de grenswerker. Deze verschuiving van heffingsrecht kan er mede toe leiden dat werkgevers zich in het woonland van de werknemer moeten registreren om daar de buitenlandse belastingen namens de werknemer af te dragen.

Sociale zekerheid, arbeidsrecht en winstbelasting

Voor de sociale zekerheid is in EU-verband afgesproken dat een grenswerker tot 31 december 2022 niet in een ander land sociaal verzekerd raakt als vóór de COVID-19 crisis wanneer hij thuiswerkt. Hierdoor worden werknemers en werkgevers (nog) niet geconfronteerd met gevolgen voor de sociale zekerheid wanneer grenswerkers (gedeeltelijk) thuiswerken.

Verder kan het zijn dat werkgevers kunnen worden verplicht om een melding te doen bij de arbeidsinspectie van het woonland en moeten werkgevers mogelijk ook rekening houden met de arbeidsrechtelijke regels van het woonland van de werknemer. Tenslotte is van belang dat een thuiswerkplek van een grenswerker in sommige gevallen kan leiden tot een verschuiving van het heffingsrecht over de winst van de werkgever.

Kortom, het (gedeeltelijk) thuiswerken kan verschillende uitdagingen met zich meebrengen. Heeft u vragen over (de fiscale gevolgen van) uw thuiswerkbeleid, schroom dan niet om contact met ons op te nemen.

Deel in uw netwerk